Auteur Archief

Boetes beperkt voor inleners en uitleners bij ontbreken registratie uitzendonderneming

De nieuwe beleidsregel beperkt de boetes en werkt terug tot en met 1 juli 2012. Meer in detail gaat het om de volgende maatregelen. Hoogte boete; In plaats van € 12.000 per arbeidskracht wordt een staffel ingevoerd, waarbij het aantal arbeidskrachten de hoogte van de boete bepaalt. Bij minder dan 10 arbeidskrachten bedraagt de boete € 12.000, bij 10 tot 30 arbeidskrachten € 24.000 en bij 30 of meer arbeidskrachten bedraagt de boete € 48.000. Bij herhaling gaan deze boetes omhoog. Uitsluitend terbeschikkingstelling van bestuurder BV; Aan u en uw inlener wordt geen boete opgelegd als uw BV uitsluitend haar bestuurder als arbeidskracht ter beschikking stelt. Dat geldt alleen als u als bestuurder (samen met uw echtgenoot) eigenaar bent van 90% of meer van de aandelen van uw BV. Het niet opleggen van een boete in dergelijke situaties geldt zowel voor uw BV als voor haar inlener. Let op: De uitzondering geldt niet als u een zelfstandige zonder personeel (zzp’er/eenmanszaak) bent en een andere zzp’er inhuurt en ter beschikking stelt om onder leiding en toezicht van uw opdrachtgever te werken. Melding bij incidentele terbeschikkingstelling; Is uw onderneming niet ingeschreven onder één van de uitzendcodes ‘ maar stelt uw onderneming wel ‘mede’ arbeidskrachten ter beschikking? Dan kunt u volstaan met een melding. De Kamer van Koophandel registreert dit. Inleners van arbeidskrachten kunnen dan toch controleren of uw onderneming heeft voldaan aan de wettelijke registratieplicht. Stelt uw onderneming naast haar eigenlijke ondernemingsactiviteiten incidenteel een of meerdere arbeidskrachten ter beschikking, dan kunt u hiervan gebruikmaken. Boetes verder gematigd tot 50%; Is uw onderneming wel ingeschreven (maar niet als uitzendbureau), waarbij niet is gemeld? In dat geval wordt de boete gematigd met 50%. Dit geldt ook voor de inlener. De boete wordt ook met 50% gematigd als uw inlener geen rechtspersoon is. Lees verder Geen Reacties

Voorkom sancties en benut premiekortingen optimaal met totaalbeleid

Steeds meer overheidsregelingen worden afhankelijk gemaakt van de acties die u als werkgever neemt. De nieuwe bevoegdheid maakt de hoogte van de werkloosheidspremies, arbeidsongeschiktheidspremies en de nieuwe premiekorting ‘bevordering duurzame arbeidsparticipatie’ mede afhankelijk van de maatregelen die u als werkgever treft om duurzame arbeidsparticipatie van werknemers te bevorderen. U moet die maatregelen bovendien schriftelijk vastleggen in uw loonadministratie. De nieuwe bevoegdheid maakt onderdeel uit van het Wetsvoorstel ‘Werk en Zekerheid. Lees verder Geen Reacties

Zorgverleners laat bezwaar maken tegen ten onrechte afgegeven VAR-loon

De Belastingdienst geeft een VAR-loon af aan zorgverleners die werken via een zorginstelling of bemiddelingsbureau. In een aantal gevallen is de Belastingdienst op dit punt in het gelijk gesteld. Uit andere uitspraken blijkt echter dat het goed mogelijk is dat de feitelijke werkzaamheden als zelfstandige worden verricht. Voor de AWBZ-zorg is er al sinds 2012 een zogenoemde Zorgpilot, waardoor een zorgverlener via een door de Belastingdienst goedgekeurde raamovereenkomst met een zorgkantoor werkzaam kan zijn als zelfstandige. Daarnaast is er ook zorg die wordt betaald vanuit een PGB of de Zorgverzekeringswet, waarvoor de Belastingdienst ten onrechte een VAR-loon afgeeft. Het is heel goed mogelijk dat deze zorg rechtstreeks of via een bureau als zelfstandige wordt verleend. Ook hiervoor geldt dat een bezwaar kansrijk is. Lees verder Geen Reacties

Laat uw WOZ-beschikking controleren

Een vermindering van de WOZ-waarde is niet alleen gunstig voor het eigenwoningforfait in box 1 van de inkomstenbelasting en voor de onroerendezaakbelastingen. U moet immers ook een pand in box 3, zoals een vakantiewoning en verhuurde woningen, op de WOZ-waarde waarderen. Dat geldt ook voor de waardering van woningen voor de schenk- en erfbelasting. Bovendien heeft een vermindering gevolgen voor de afschrijving op gebouwen in de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. Lees verder Geen Reacties

Lijfrentepremie of AOV-premie 2013 toch aftrekbaar bij betaling 2014

Als u uw gegevens gaat verzamelen voor het laten klaarmaken van uw aangifte inkomstenbelasting 2013, vergeet dan niet de afschriften van de in 2014 betaalde lijfrentepremie en/of AOV-premie over 2013 mee te sturen. Voor de aangifte inkomstenbelasting 2014 is het belangrijk dat u een aantekening maakt dat u volgend jaar de rendementsgrondslag in box 3 (peildatum 1 januari 2014), mag vaststellen alsof de automatische incasso van de lijfrente- en/of AOV-premie over 2013 al in december 2013 heeft plaatsgevonden. De gegevens over de premiebetaling zijn dus ook dan weer van belang. Bewaar deze dus goed. Lees verder Geen Reacties

Tot 1 januari 2016 specifieke vacatures voor jongeren op werk.nl

U krijgt een premiekorting van maximaal € 3.500 per jaar. Voor jongeren die u aanneemt vanaf 1 januari 2014, ontvangt u de premiekorting vanaf 1 juli 2014. Van 1 juli 2014 tot 1 januari 2015 bedraagt de premiekorting dan € 1.750. U ontvangt de premiekorting maximaal 2 jaar. Meer voorwaarden Naast de al genoemde voorwaarden moet u ook aan de volgende eisen voldoen, wilt u kunnen profiteren van de tijdelijke premiekorting voor de indienstneming van jongeren. Zo moet u de jongere minimaal een halfjaarcontract geven voor minimaal 32 uur per week. Daarnaast moet u een doelgroepverklaring van het UWV of de gemeente bij uw loonadministratie bewaren. Lees verder Geen Reacties

Bespaar premie door een juiste sectorindeling

Hoogte sectorpremie De hoogte van de sectorpremie is afhankelijk van het uitkeringsrisico in de sector. Hoe groter dat risico is, hoe hoger de premie. De grafische sector, de uitzendbranche, de agrarische sector, de bouwsector, de culturele sector, de horeca en de schilderssector hebben een hoger risico dan andere sectoren. Voor deze sectoren gelden een laag en een hoog tarief. Het hoge tarief geldt standaard. Alleen in uitzonderingsgevallen mag u de lage sectorpremie hanteren. Verschillende werkzaamheden Behoren de werkzaamheden van uw bedrijf tot verschillende sectoren, dan bent u aangesloten bij de sector waaraan u in de regel het grootste bedrag aan premieplichtig loon betaalt. Een gesplitste aansluiting is ook mogelijk en kan voordeel opleveren. Maar u kunt ook juist tot een economische of organisatorische eenheid behoren met andere bedrijven. In dat geval kunt u verzoeken om in dezelfde sector te worden ingedeeld. U wordt dan ook ingedeeld op basis van het premieplichtig loon. Premievoordeel bij een concernaansluiting U kunt een groot premievoordeel behalen als uw bedrijf tot een economische of organisatorische eenheid behoort met andere bedrijven. U kunt zich dan laten indelen in dezelfde sector. Deze zogenoemde ‘concernaansluiting’ is niet toegestaan voor uitzendbureaus, besliste onlangs Hof Arnhem-Leeuwarden. Als uw werknemers echter worden ‘uitgezonden’ binnen het concern (personeels-BV) en er geen uitzendbeding is afgesproken, zou een concernaansluiting wel mogelijk moeten zijn. De activiteiten van de concernvennootschappen hangen dan immers nauw met elkaar samen. Lees verder Geen Reacties

Btw-aftrek pand bij gemengd gebruik

Wordt de btw-aftrek op basis van de omzetverhouding berekend, dan is de omzetverhouding tussen de belaste en vrijgestelde activiteiten bepalend voor de aftrek. Is die verhouding bijvoorbeeld 58% belast en 42% vrijgesteld, dan heeft u een btw-aftrek van 58% van de aan u in rekening gebrachte BTW. Bij een berekening van de btw-aftrek op basis van het werkelijk gebruik wordt dit gebruik vastgesteld aan de hand van objectieve en nauwkeurige gegevens, bijvoorbeeld aan de hand van de gebruikte vloeroppervlakte voor belaste en vrijgestelde activiteiten. In de praktijk wordt nog wel eens een combinatie van deze methodes gehanteerd. Daarbij wordt de btw-aftrek voor de ruimtes die uitsluitend voor belaste (aftrek) of uitsluitend voor vrijgestelde (geen aftrek) activiteiten worden gebruikt, berekend op basis van het werkelijk gebruik. Daarnaast wordt de btw-aftrek voor de ruimtes die voor beide activiteiten worden gebruikt, berekend op basis van de omzetverhouding. Onze hoogste belastingrechter, de Hoge Raad, heeft beslist dat deze gecombineerde berekeningswijze niet meer is toegestaan. U moet dus voortaan de btw-aftrek berekenen óf op basis van de omzetverhouding, óf op basis van het werkelijk gebruik van het gehele pand. Hanteert u nu een combinatie van deze methodes dan moet dus de berekeningswijze van de btw-aftrek aanpassen. Overleg met uw adviseur welke methode u het best kunt kiezen. Kiest u er voor om de btw-aftrek te berekenen aan de hand van het werkelijk gebruik, dan zult u over nauwkeurige objectieve gegevens moeten beschikken over het feitelijk gebruik van het hele pand. Lees verder Geen Reacties

Laat uw aanslag inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen 2014 controleren

In de voorlopige aanslagen inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen die in november en december vorig jaar zijn opgelegd, is bijvoorbeeld het tarief in de eerste schijf 5,85% (2013) in plaats van 5,1% (2014) toegepast. Ook is nog geen rekening gehouden met de tijdelijke (alleen in 2014) verlaging van het tarief in box 2 van 25% naar 22% over de eerste € 250.000 winstuitkering. Dat geldt ook voor de beperking van de hypotheekrenteaftrek in de vierde schijf (vanaf een belastbaar inkomen van € 56.531) en voor het inkomensafhankelijk maken van de algemene heffingskorting. Allemaal maatregelen die op 1 januari 2014 zijn ingegaan. Uit de antwoorden op Kamervragen hierover blijkt dat de Belastingdienst sommige van deze wijzigingen pas volgend jaar gaat repareren. Wilt u volgend jaar niet voor verrassingen komen te staan, doet u er verstandig aan om de voorlopige aanslagen te laten controleren en waar nodig te laten aanpassen. Lees verder Geen Reacties

Klik hier voor een kennismaking